dinsdag, 9 juni 2026
14.5 C
Beverwijk

“Wij vinden lesgeven zó leuk!”

Delen


Louise en Widad geven les aan mensen die beter Nederlands willen leren. Dat doen ze met heel hun hart. De ene omdat ze het niet kan laten, en de ander weet zelf hoe moeilijk het is om een vreemde taal te leren. Een kijkje bij de groepsles op donderdag.

Louise: jarenlange ervaring

Louise Meeuwis coördineerde jarenlang de lessen voor anderstaligen in Velsen en werkte ruim 40 jaar in het basisonderwijs. Nadat ze een keer een tijdje overspannen thuis zat, is ze bij wijze van re-integratie zelf les gaan geven in Nederlands als Tweede Taal (NT2). Ze studeerde zelfs Nederlands als Tweede Taal en werkte aan diverse taalscholen. “Dat vond ik zó leuk”, zegt Louise, “dat ik na mijn pensioen dacht: daar ga ik lekker mee door. En nu werk ik alweer aardig wat jaartjes met deze groep.” Ze komen elke donderdag van 2 tot 4 uur in de bibliotheek van IJmuiden bij elkaar, in een ruimte die Welzijn Velsen huurt.

In Zuid-Kennemerland en de IJmond zijn ongeveer 45.000 laaggeletterden. Dat is 1 op de 5 mensen. Ze komen uit Nederland en het buitenland. Zij hebben moeite met Nederlands spreken, lezen en schrijven, en omgaan met computers. Daar helpt Taalhuis IJmond bij. IJmond 360 vertelt in een serie verhalen over vrijwilligers die zich inzetten voor mensen die beter Nederlands willen leren. Dit is het 8e verhaal.

Ver gekomen

Louise wil de deelnemers – momenteel 3 vrouwen en een echtpaar – graag voldoende handvatten geven om zoveel mogelijk mee te doen in Nederland. “We geven maar 2 uur per week les, dat zou veel meer moeten zijn. Dus wijs ik ook op andere mogelijkheden. Hoe leuk zou het zijn als ze naar het Jeugdjournaal, Klokhuis en Het Journaal in makkelijke taal zouden kijken; daar steken ze zoveel van op! Het is ook een kwestie van nieuwe routines leren. Daar hoort ook huiswerk maken bij. Vanaf het moment dat ze eenvoudige teksten konden lezen, heb ik ze gevraagd om elke week een boek te lezen uit de boekenkast die er speciaal voor hen is in de bibliotheek. En nu doen ze dat gewoon. Als je bedenkt, dat ze nagenoeg analfabeet waren, niet of nauwelijks onderwijs hadden genoten in hun land van herkomst en dat ze nu eenvoudige boeken lezen en daar plezier in hebben, dan mogen ze terecht trots op zichzelf zijn. En wij op hen natuurlijk!”

Widad houdt van lesgeven

Widad Ahmed is geboren in Irak en al 30 jaar in Nederland. “Ooit deed ik de opleiding voor pedagogisch medewerker; die duurde toen twee jaar. Ik slaagde, maar ondertussen was de wet veranderd, en toen duurde de opleiding ineens drie jaar. Dat ging niet samen met de zorg voor drie kinderen.” Wel is ze al jarenlang gastouder en pleinwacht bij basisschool de Origon in IJmuiden. “Ik heb Louise via TaalActief van Welzijn Velsen leren kennen, en nu geven we samen deze groepslessen.” Widad spreekt niet alleen Nederlands, maar ook Arabisch en Farsi. Zo kan ze makkelijk even extra uitleg geven als dat nodig is. “Ik houd erg van lesgeven, en weet zelf hoe lastig het is om Nederlands te leren.” Zo vullen Louise en Widad elkaar mooi aan.

Dagboek van Anne Frank in eenvoudige taal

Elke deelnemer leest dus elke week een eigen boek, dat ze uit de kast halen met boeken in eenvoudige taal. Daarnaast lezen ze als groep een paar bladzijden uit hetzelfde boek. Op dit moment is dat Mijn naam is Anne, het dagboek van Anne Frank in makkelijke taal. Louise heeft een lijstje met moeilijke woorden gemaakt, en ze bespreken wat die betekenen. Op bladzij 82 staat bijvoorbeeld het woord ‘stiekem’, wat is stiekem? Fatima heeft een goed voorbeeld: “Als een kind een koekje pakt en gauw opeet, dat is stiekem.”

Voorlezen

Na de lijst met moeilijke woorden leest Louise langzaam en duidelijk de paar bladzijden voor. Ze lezen allemaal ingespannen mee. De één volgt de tekst met zijn vinger, de ander fluistert mee. Af en toe stelt Louise een vraag. Als iemand het dan even niet weet, hoor ik: “Wacht even! Ik moet zoeken!” En wanneer het in de tekst gaat over Anne die met Pim zit te zoenen, roept Fatima: “Dat is óók stiekem!” en dan lachen ze allemaal.

Zelf hardop lezen

Na de pauze lezen ze hardop uit ‘Beter Lezen’ – een methode van ongeveer 40 lessen voor begrijpend lezen (niet alleen de woorden kunnen lezen, maar ook begrijpen wat ze betekenen), met vragen erbij die ze als huiswerk meekrijgen. Ze leren nieuwe woorden én de uitspraak. Dat valt niet mee. Bijvoorbeeld ‘en’ en ‘in’ lijken erg op elkaar, en klinken gauw hetzelfde. Het woord ‘mailtje’ wordt eerst herkend als ‘maaltijd’, en als de betekenis duidelijk is, moeten ze daar ook weer erg om lachen. De naam ‘Simon’ is lastig. Het klinkt een beetje als ‘Shmóón’, met de klemtoon op de óo’. Allemaal struikelen ze over het woord ‘advertenties’. Wat een lang woord, en waarom moet die laatste ‘t’ nou uitgesproken worden als een ‘s’? “Laat maar, zo aan het eind van de les”, lacht Louise.

De tijd vliegt voorbij. Ze tekenen allemaal voor presentie, en halen dan gauw een boek uit de speciale kast. Dat komen ze nog even laten zien. “Makkelijk boek”, zegt er een.

Meer Nieuws

Nieuws uit de IJmond