De hulpdiensten rukten afgelopen weekend massaal uit voor een waterongeval in het havengebied van IJmuiden. Brandweer, ambulance, politie, de traumahelikopter en twee reddingsorganisaties waren tegelijk ter plaatse. Sjoerd Dekker van de IJmuider Reddingsbrigade (IJRB) was erbij. “Als de pieper gaat, is het gaan. De rest komt later.”
In de auto naar post de Waecker is er een kort moment om na te denken over wat de eenheid zal aantreffen. Eenmaal daar volgt een vast ritme: licht aan, deuren open, meldkamer bellen, inzetplan maken.
Sjoerd: “Een melding persoon te water is naar de boot, zo snel en veilig mogelijk.” Dat klinkt overzichtelijk, maar de dynamiek verandert snel wanneer blijkt dat het om een reanimatie gaat. De snelle omschakeling tussen het normale dagelijkse bestaan en de acute hulpverlenersmodus vergt een mentale veerkracht die onmisbaar is bij dit werk.

Gezamenlijk doel, strakke regie
Tijdens een grote inzet is het druk met hulpverleners. Toch is er geen sprake van chaos. De Officier van Dienst van de brandweer voert de regie. “Iedereen weet wat er op dit soort momenten van hem of haar verwacht wordt,” vertelt Sjoerd. “Er staat één groot team van verschillende disciplines met hetzelfde doel: iemands leven proberen te redden.”
Dat het proces zo natuurlijk verloopt, is geen toeval. Het is de uitkomst van jarenlange training, opleiding en eerdere ervaringen. Ze weten exact wat ze aan elkaar hebben.
De grens op het water
Zowel de KNRM als de IJRB voer zaterdag uit. Voor buitenstaanders lijkt dat wellicht dubbelop, maar de rollen zijn strikt verdeeld. De IJRB opereert doorgaans in het gemeentelijk ingedeelde water, tot één kilometer van de kustlijn. “Iedereen heeft z’n eigen kracht,” legt Sjoerd uit. “De KNRM heeft een grotere boot en kan bijvoorbeeld de brandweerduikers aan boord nemen. Wij zijn met onze kleinere boot juist wendbaarder tussen de havenboten of in de branding.”
Daarbij zijn er bij een zoekactie simpelweg veel handen nodig, omdat een slachtoffer door de stroming over een groot gebied zichtbaar kan worden. Bij windkracht 6 of 7 houdt de inzetbaarheid voor de boten van de IJRB op, terwijl de KNRM dan met hun NH1816 nog wel uitvaart.
Nazorg is even belangrijk
Bij de actie afgelopen zaterdag kon de persoon die te water raakte niet gered worden. Hij overleed later.
Een reanimatie gaat niemand in de koude kleren zitten. De nazorg binnen de brigade is dan ook een vaste procedure. Na elke inzet of stranddienst volgt een nabespreking waar iedereen zijn verhaal kwijt kan. “We zijn een hechte groep en we letten op elkaar,” aldus Sjoerd. “We weten wie waarbij betrokken is geweest en we hebben specifieke leden waarmee gepraat kan worden bij heftige gebeurtenissen.”
Meer dan mooi weer
Het beeld van de reddingsbrigade is vaak nog gekoppeld aan pleisters en mooi weer. De realiteit is breder. Het werkgebied in IJmuiden zijn de pieren, duinen, jachthaven, bunkers en strand. Dit brengt uiteenlopende incidenten met zich mee. Van onwelwordingen en waterslachtoffers tot vermissingen en suïcide.
Daarnaast sluiten de vrijwilligers preventief de zuidpier bij harde wind en staan er wekelijks zo’n 25 instructeurs in het zwembad voor de zwemlessen.
Het is onvoorspelbaar en vaak zwaar werk. Waarom Sjoerd en zijn collega’s dit vrijwillig doen? “Het is mooi om te doen en je voegt wat toe aan de samenleving. Zolang het kan en mogelijk is, blijf ik het doen.”
Lees ook:

